Kinderen ervaren de gevolgen van crisis in Malawi

Na de afsluiting van het schooljaar in Malawi hebben drie medewerkers van de Window of Hope Foundation, een bezoek gebracht aan alle kinderen die vanuit Nederland in het schooljaar 24/25 werden gesteund. Ze hebben een verslag gemaakt van hun bevindingen.

Een van de medewerkers is Linda Pasowantha (foto). Zij heeft haar opleiding kunnen voltooien dankzij dit adoptieproject

Het volledige rapport van Linda, Emmanuel Kumwanje en Mary Ngulube is hier te lezen

De situatie in Malawi is het afgelopen jaar ernstig verslechterd. De inflatie jaagt de prijzen omhoog, terwijl schade van natuurrampen van de afgelopen jaren vaak nog niet is hersteld. Veel gezinnen leven in bittere armoede. Er zijn problemen in de landbouw, o.a. door onbetaalbare kunstmest. Ouders kunnen daar geen werk meer vinden, zoals voorheen. En kinderen ondervinden de gevolgen van al deze problemen., zo schrijven de rapporteurs.
 
Mary Sibande, onze partner bij de WOHF, concludeert aan het eind van het rapport dat het in het belang van de kinderen is om de steun te verbreden tot steun aan de dorpen waar de schoolkinderen wonen. De situatie in de dorpen verhindert kinderen soms om de school te bezoeken. Het ontbreken van een waterput kan betekenen dat een kind water dagelijks ver weg water moet gaan halen en daardoor geen tijd heeft om naar school te gaan. Ondervoeding kan ook een rem op schoolbezoek zijn, zeker als de kinderen uren moeten lopen naar school. Het ontbreken van sanitaire voorzieningen zorgt daarnaast voor een snelle verspreiding van besmettelijke ziektes. 
 

Naast het schoolgeld vragen we u nu een extra gift voor de bekostiging van praktische verbeteringen in dorpen waar de adoptiekinderen wonen, zoals een waterput of een hygiënische latrine. U kunt uw bijdrage onder vermelding van ‘Kidsproject-extra’ overmaken op rekeningnummer NL 10INGB0004256879 t.n.v. Stichting Quality Centre in Utrecht.

 
Lees hieronder nog enkele citaten uit het rapport over de adoptiekinderen:
 

Daniel
 
De situatie van Daniel, nu 15 jaar oud, is verslechterd. Het kleinschalige bedrijfje van zijn moeder is ingestort door de hyperinflatie, en het werk in de landbouw is verdwenen door de magere oogst en de torenhoge kunstmestprijzen. Het gezin leeft nu van informele arbeid en humanitaire voedselhulp, wanneer die beschikbaar is. Daniel gaat onregelmatig naar school, omdat hij vaak moet helpen met het zoeken naar voedsel of inkomsten.
Violet
Nu Violet 15 is, zijn de risico’s voor haar toegenomen. Water halen bij een verafgelegen boorgat blijft een dagelijkse, gevaarlijke en vervelende klus, terwijl het aantal gemelde gevallen van gendergerelateerd geweld in haar omgeving nog steeds hoog is. Door de economische crisis vindt haar grootmoeder nog minder werk. Violets schoolprestaties zijn direct gekoppeld aan haar uitputting en de constante stress van de voedselonzekerheid in haar gezin. Door het gebrek aan elektriciteit heeft ze na zonsondergang ook geen licht om te studeren. We troffen haar aan toen ze water ging halen en we hebben haar niet meer gezien.
Milika
 
De negenjarige Milika ziet haar grote potentieel ernstig bedreigd. Haar bejaarde grootmoeder kan steeds minder meekomen met de schaarse klusjes die er zijn. Het gebrek aan goede sanitaire voorzieningen blijft haar gezondheid en waardigheid aantasten, waardoor regelmatig naar school gaan een uitdaging is. Haar lange wandeling naar de basisschool in Msosa is nu een dagelijkse uithoudingsproef, die ze aflegt zonder de energie van een ontbijt. Door het ontbreken van het schoolmaaltijdprogramma is er geen beloofde maaltijd om haar door de lessen heen te helpen, waardoor de schooldag een strijd tegen honger en uitputting wordt in plaats van een dag om te leren.